
Op 12 augustus 2009 wordt het door de NPS opgenomen concert van Daby Toure in Podium Mozaiek, Amsterdam van 11 april, uitgezonden op radio 6.
lees meer
lees meer

Donderdag 9 april wordt er een dubbelinterview uitgezonden op het nationale kanaal van FUNX met Daby Toure en World Sessions dj/interviewer Sotu the Traveller.
lees meer
Door Rik van Boeckel met foto's van Hans Speekenbrink (klik voor groter)
Zanger/gitarist Daby Touré uit Mauretanië was al eerder in Nederland te horen tijdens Amsterdam World en het Dunya festival. Begin april was hij de laatste gast van de door World Connection georganiseerde World Sessions in Podium Mozaiek in Amsterdam. Touré heeft een geheel eigen mix van West-Afrikaanse muziek en Westerse pop gecreëerd die kan aanslaan bij een groter publiek.
‘Dit is geen film,’ zei de in Parijs wonende Touré gekscherend tegen het nog zittende publiek waarna al snel de voetjes van de vloer gingen. Dat lukte hem met een drie man sterke band, analoog aan The Police. Toeval of niet, Touré heeft zich laten inspireren door de legendarische band.
‘Iemand liet me hun muziek op de walkman horen,’ vertelde hij tijdens het interview voorafgaand aan het optreden. ‘Ik ruilde meteen mijn horloge voor de cassette.’
bron: www.cultuurpodium.nlAMSTERDAM - De bluesachtige pop van de Afrikaan wordt nauwelijks meer gehoord in het land waar hij al jaren woont; Frankrijk. Nu is hij hier.
The Police. Rod Steward. Dire Straits. Het zijn namen die je zelden hoort vallen als een Afrikaans muzikant vertelt over invloeden en inspiraties. Maar voor de in Senegal opgegroeide Mauretaniër Daby Touré, deze week op tournee in Nederland, was westerse pop de eerste grote verleiding van de muziek. ‘Ik pikte het op van de radio, hoorde Dire Straits voor het eerst in stereo door een geleende walkman. Fantastisch vond ik het, The Police ook, heerlijke popliedjes. En vergis je niet: ook in Afrika was iedereen gek op deze muziek.’
Vandaar dus dat de luisteraar sporen van Sting ontdekt in de warme Afropop van gitarist en zanger Touré, plus witte blues inclusief gitaar-touch van Mark Knopfler, in de net verschenen plaat Call My Name. Dat album is ook al zo verrassend en atypisch: een samenwerking met de Amerikaanse blueszanger en gitarist Skip McDonald. Hoe komt Touré, woonachtig te Parijs, daar nu bij?
‘Ik leerde hem kennen in de studio’s van Real World, ons platenlabel. Daarna kwamen we elkaar eens tegen op een festival in Canada. Skip vroeg of ik bij hem in de studio wilde komen, waar hij bezig was met zijn bluesproject Little Axe, met de producer Adrian Sherwood. Natuurlijk, dacht ik, interessant. Ik kwam binnen en er werd gelijk een microfoon opengezet. Zing eens wat! Nou vooruit.’
Het klikte, en niet zo’n beetje. De jam werd herhaald in Parijs. En nu staan Touré en McDonald dan als duo op plaat, een minialbum met zes rijke gitaaruitweidingen, waarbij Afrikaans harp-achtig spel om de vuigere blues draait, en waarbij McDonald en Touré vocaal voorgeven en inkoppen. Alsof ze al jaren samen spelen en songs schrijven. ‘Ongelooflijk, ik weet het’, zegt Touré, ‘en ik zoek ook een verklaring voor de chemie. Ik weet dat McDonald als zwarte Amerikaan altijd op zoek is naar Afrikaanse roots, en die herkent hij in mijn ritmes. Ik op mijn beurt herken de muziek uit mijn jeugd, de blues en de westerse pop en rock in Skips spel.’
Dat gepeuter in elkaars muzikale universum levert dus spannende en mooie afgeronde popliedjes op, met veel westers hitlijstgevoel. En zo beluisterd, lijkt de start van Tourés carrière ook niet meer zo vreemd. In Parijs, waar hij in de jaren tachtig de tweede helft van zijn jeugd doorbracht, wandelde hij eens een oefenruimte binnen. Bij de inschrijfbalie vroeg hij of er soms behoefte was aan zangers. ‘Afrikaanse zangers zijn altijd welkom. Wanneer kun je beginnen?’, werd Touré gevraagd. ‘En ineens zat ik in een band. Een rockband, die graag een zwarte zangstem wilde. Mijn eerste nummer was Sweet Home Alabama, moet je je voorstellen, gezongen door een Afrikaan. Grappig ja, maar het paste me ook best. Ik had tenslotte ook weleens heimwee. Daarna deden we Proud Mary. Ik vond het geweldig.’
Parijs was goed voor hem. ‘Een rijke muziekscene, een open geest en een wereld aan invloeden. Hoe anders dan nu!’, zegt Touré. Want de laatste jaren is het Franse creatieve klimaat verslechterd, om niet te zeggen achteruitgehold. ‘In het parlement is een wet aangenomen die bepaalt dat 70 procent van de op de radio uitgezonden muziek in het Frans gezongen moet zijn. Om Frankrijk te beschermen tegen Amerikaanse invloeden. Maar die wet beschermt niet tegen Coca Cola en Michael Jackson, want die komen toch wel binnen. Nee, het werkt tegen kleinere artiesten zoals ik, die in veel talen zingen, behalve het Frans. Mij werd ook geadviseerd met Skip McDonald op zijn minst drie liedjes in het Frans te doen, maar ik kan het niet. Ik spreek Frans maar kan er niet in zingen. Ik weiger.’
Dan maar geen airplay, zegt Touré, maar gelukkig is hij er niet mee. ‘Ik heb de laatste jaren nul optredens gehad in Frankrijk. Terwijl ik daarvoor overal terecht kon. Ik word nauwelijks meer gehoord in het land waar ik woon. Mooi dat er dan in Nederland ineens interesse wordt getoond.’
Lees dan hieronder een aantal interessante quotes uit het NRC interview met Daby Touré dat afgelopen zaterdag 28 maart in de NRC verscheen.
QUOTES:
" Bij mijn liefde voor Afrikaanse ritmes kwamen al heel gauw westerse invloeden. Soms heb zin om meer het een te doen, soms het andere. Ik doe wat goed voelt. Dat ik uit Afrika kom, hoeft niet te betekenen dat ik alleen maar Afrikaanse Muziek maak."
" Bijna niemand verstond wat ik zong, maar ze leken het toch te snappen. Nu zing ik dus meestal maar in een taal die helemaal niemand spreekt die taal, en tegelijk begrijpt iedereen hem."
" Zingen is iets heel emotioneels. Als ik laag zing voelt dat diep en waarachtig, dan ben ik verbonden met alles om me heen. Als ik hoog zing, zoals in het nummer Banta, is het vaak een klaagzang."
" Ik blijf het liefst verre van regels en rolmodellen- ik wil me vrij ontwikkelen. Dat is de reden dat ik nooit zangles heb gehad. Mijn stem moet vrij zijn om te doen wat hij wil."
lees het hele artikel hier
bron: NRC Handelsblad
.jpg)
Tekst: Andrew Cornelis Foto's: Jose Witteveen maandag 9 februari 2009 22:01
‘It’s a small crowd.’ Ja, zo vlak voor de toegift, wanneer haar optreden er dus bijna op zit, moet Elizabeth Ayoub het toch nog even kwijt. Slechts twintig mensen zijn op dit concert afgekomen, oftewel twintig mensen willen kennis maken met de wereldmuziek van zangeres Elizabeth Ayoub.
Elizabeth Ayoub is dus de artiest waar het om draait. Volgens het leuke World Sessionsconcept zien we eerst een video waarin zij zich voorstelt. Daarin vertelt ze over haar Libanese, Venezolaanse en Westerse roots waar ze door geïnspireerd is. Na een kort live-interview, waarbij het publiek ook vragen kan stellen, is het tijd voor het optreden en komt Ayoubs begeleidingsband, bestaande uit een percussionist, gitarist en luitist het podium op.
De intimiteit die bij zo’n verdiepende kennismaking zo voor de hand liggend zou moeten zijn, wordt echter teniet gedaan door de kille sfeer die toch overheerst in de leeg aandoende zaal. Er is geprobeerd dit op te vangen door tafels en stoelen te plaatsen, maar behalve dat dit de zaal wat voller maakt, wordt de afstand tot de artiest niet erg verkleind. Zeker niet als Ayoub het publiek tijdens haar toegift aan probeert te zetten tot dansen. Het publiek gaat dan weliswaar staan, maar het dansen ontwikkelt zich bij niemand verder dan wat gereserveerde bewegingen achter de tafeltjes.
Waar Romein genoeg mogelijkheden in huis heeft om een artiest goed tot z’n recht te laten komen is het de vraag of iedere artiest ook bij al die mogelijkheden baat heeft. Voor twintig man is het niet echt nodig om een optreden te versterken en schept dit juist meer afstand dan intimiteit. Maar ja, men weet natuurlijk van te voren nooit hoeveel mensen er zullen komen. Ayoub benadrukt aan het begin van het optreden nog dat haar band mede door de kleine bezetting een mooi helder geluid heeft, waarin de individuele vaardigheden van haar muzikanten ook goed tot hun recht komen, maar dat gegeven komt nu nauwelijks uit de verf.
Elizabeth Ayoub slaagt er dan ook niet goed in om het publiek te vervoeren naar werelden waarop haar muziek geïnspireerd. Er doemen eerder associaties op met het “eetplein” op de zwarte markt waar je op goedkope banken je frietje kunt opeten terwijl ergens aan de rand een “wereldmuziekband” liedjes speelt. Desalniettemin gaat het bij de World Series om een kennismaking met diens wereld. Maar bij een concert is de wereld waarin de artiest echter zijn kunst wil vertonen misschien wel net zo belangrijk als de wereld waarop de muziek geïnspireerd is.
De kennismaking met Elizabeth Ayoub in Romein viel dus wat tegen. Maar het concept van World Sessions blijft spannend, want je weet niet wat je voorgeschoteld krijgt. Helaas waren er dit keer niet zoveel mensen die de verrassing aandurfden. Maar uit enkele reacties uit het publiek bleek dat sommigen echt alweer uitkijken naar de volgende World Sessionsavond. Deze staat gepland op 10 april, wederom in Romein en dit keer met de Afrikaanse singer- songwriter Daby Touré.
Mystieke World Sessions met Kiran Ahluwalia
Podium Mozaiek, Amsterdam
Door Rik van Boeckel met beeld van Hans Speekenbrink (klik voor vergroting)
De Indiase ghazalzangeres
Kiran Ahluwalia
zorgde tijdens de World Sessions in Podium Mozaiek te Amsterdam voor een mooie en mystieke avond die begon met een film over haar en een interview waarbij ook het publiek vragen mocht stellen. Ze wisselende ghazals, oud-Indiase liederen over onbeantwoorde liefdes af met de vrolijke Punjabi folksongs.
bron: www.jazzpodium.comGet the Flash Player to see this player.
Get the Flash Player to see this player.